Toepasbaarheid van bomen en struiken in een beperkte ruimte
Vooral als ze in het begin een beetje worden geholpen kunnen vele tientallen bomen en struiken op deze wijze groeien. Dat kan uiteraard alleen op plekken waar ruimte is. Wat deze foto's demonstreren is dat er van stenige straten tuinen gemaakt kunnen worden en dat dat speelser kan dan de strakke, en vaak fantasieloze tuincentra tuintjes die vooral in nieuwbouwwijken worden aangetroffen.
De toepasbaarheid van planten in een stenige omgeving wordt, net als overal elders in de natuur, bepaald door de groeiplaatsfactoren.
Omdat planten onder het plaveisel kunnen wortelen, gelden er in principe geen beperkingen voor de ruimte, maar voor grotere bomen is de bewortelbare ruimte meestal te klein. Wat de grens in een bepaalde situatie is, zal de praktijk moeten leren. Op een oppervlakte zo groot als een tegel kunnen ook kleine bomen en heesters groeien, vooral als de bodem aan de eisen van de plant kan worden aangepast. Struiken die vrijwel altijd te breed worden, kunnen door snoeien in een acceptabele vorm en breedte worden gehouden.
 
Tientallen houtige soorten groeien in stenige milieus. Op kleine schaal kunnen we dit in de Nederlandse steden waarnemen: een berk of vlier die in een dakgoot groeit of een vlinderstruik die 6 m boven de grond in een spleet van een muur of uit een raamkozijn groeit.
Minder extreme situaties komen voor op oude ruïnes, die niet zijn gerestaureerd. Daar zijn vaak plekken te vinden die sterk zijn verweerd en goed contact hebben met het grondwater waardoor de stenen altijd iets vochtig zijn. Verder zijn hier meestal plekken aanwezig waar een mengsel aanwezig is van verweerde steen, stof, vuil en grond. De meeste ruïnes zouden sterk begroeid raken, als ze niet werden gerestaureerd of geconsolideerd. In de Europese bergen zien we eveneens dat in - voor Nederlandse begrippen extreme - stenige situaties bossen en struwelen kunnen groeien. De meest voorkomende stenige milieus in Nederland waar houtige soorten een redelijke kans van slagen hebben, zijn verhardingen die bestaan uit losse klinkers, kinderhoofdjes of tegels".
 
In een klein spleetje kan een kleine boom vaak al groeien. (NS Apeldoorn 1997)
 
Klimhortensia is een goede bijenplant die in veel situaties kan worden toegepast, maar op deze plek gaat dit wel ten koste van de toegankelijkheid. Vooral voor ouderen kan deze situatie problemen op leveren. (Utrecht 1996)
 
Een spirea
 
Heesters tussen het plaveisel versperren de doorgang. Het is hier nog net breed genoeg om er langs te kunnen lopen. (Den Helder 1996)
 
Een groene omgeving van vestzakformaat. (Utrecht 1998)
 
Tuincentratuintjes die vooral in nieuwbouwwijken worden aangetroffen. Juist in zulke buurten moet het groen veel meer te bieden hebben dan deze groene plantenmassa. (Vinexlocatie Nieuw Sloten, Amsterdam 2000)
 
In deze lange plantenbak bestaat de helft van de struiken uit bijenplanten. Onder meer Berberis en Weigelia, maar er is hier aanzienlijk meer mogelijkg. (Arnhem 2004)