Sociale contacten
Parken en andere groene elementen in de openbare ruimte dragen bij aan het maken van sociale contacten. Dit is geen boekenwijsheid, maar kan door iedere burger worden geconstateerd, die de moeite neemt om een paar dagen in een stad rond te fietsen. Bezoeken aan volkstuincomplexen laten duidelijk zien, dat het op volkstuinen ook om het hebben van sociale relaties gaat. In veel steden zijn parken en plantsoenen vaste ontmoetingplaatsen. Dit kan variëren van ontmoetingen tussen spelende kinderen tot ontmoetingsplaatsen van ouderen met bijvoorbeeld familie, kennissen of vrienden. Ook de integratie van verschillende sociale groepen en leeftijdsklassen speelt hierbij een belangrijke rol.
Parken worden gebruikt voor familiecontacten en in de grote steden lijken parken soms smeltkroezen voor verschillende culturen. Voor het laatste zouden parken veel meer uitgebuit moeten worden door voorzieningen te scheppen, die de integratie bevorderen van sociale groepen met een verschillende culturele achtergrond.
Niet op alle plekken hoeft het een zee van bloemen te zijn. In de meeste parken spelen de sociale contacten zo grote rol dat de natuur hier een stap terug moet doen. Biodiversiteit moet dan gezocht worden in de bomen en langs de randen van beplantingen en vijverkanten.
 
 
 
Amsterdam Vondelpark: het beroemste ontmoetingspark van Nederland.
 
Een ontmoetingsplek voor jongeren  in hartje Groningen. Er lopen mensen weg en er komen mensen bij. Het is Bij mooi weer is het een vaste ontmoetingsplek. (Foto genomen vanaf de Martinitoren 2006).
 
Ontmoetingsplek (hangplek) voor ouderen -- Deze ouderen komen hier regelmatig bij elkaar. Maar er zijn ook andere plekken waar ze afspreken. In Veenendaal en omgeving bestonden (of bestaan nog steeds) verschillende vaste plekken waar vaste groepjes ouderen elkaar ontmoeten. Het zijn meestal mannen, maar op een plek is er al een paar jaar lang een vrouw bij. (Veenendaal 2001)
 
Een hangplek voor jongeren in een kleine stad -- Dit kan overal, maar vaak ook op groene plekken. Met deze manier van samenzijn zou veel meer rekening gehouden moeten worden. (Bakewell 2005)
 
Ontmoetingsplaats voor studenten -- Na pittige colleges, onderzoek of andere mentaal vermoeiende werkzaamheden is het goed om naar buiten te gaan en studiegenoten en collega's van verschillende afdelingen in een andere omgeving en in een ongedwongen sfeer te ontmoeten. Dat kan iedere dag op veel plekken buiten. Maar de knalharde praktijk is dat de mensen alleen naar buiten willen als het mooi weer is en dan het liefst deze plekken opzoeken (Utrecht, Uithof 2005).
 
Bezoek aan het wijkpark -- De man op de bank duwde de man in de rolstoel. Op deze plek hebben ze langdurig met elkaar zitten praten. Praten kan overal, maar dit was een van de favoriete plekken die geregeld wordt bezocht. (Gouda 2001)
 
Tekst foto Een bloemrijke semi-openbare ruimte in het centrum van Utrecht: een fantastische plek voor sociale contacten en om bijvoorbeeld serieuse zaken met elkaar te bespreken.
 
Kinderen op de begraafplaats -- Begraafplaatsen zijn geen plekken om zo maar te spelen. Het is een plek om op een andere manier bij elkaar te zijn. Ook kinderen hebben hun serieuze momenten.
 
Een familie aan tafel -- Nederlanders aan tafel. Als je op een flat woont of geen tuin hebt, vormt het park vaak het enige toevluchtsoord. (Schiedam Beatrixpark 1991)
 
Een familie op de grond -- Vooral mensen met een andere culturele achtergrond gebruiken het park voor familiegebonden activiteiten. Het park is vaak de enige plek waar ze kunnen barbecueën. Nederlanders doen ook zo iets maar zitten dan vaak aan tafel. Zie vorige foto voor het contrast. (Schiedam, Beatrixpark 1990)
 
Smeltkroes van culturen? -- Parken in grote steden worden door mensen met verschillende culturele achtergronden gebruikt. Ze praten, maken muziek of zitten gewoon te zonnen of te lezen. Parken zouden een smeltkroes van verschillende culturen kunnen zijn, en kunnen bijdrage aan een betere integratie van de samenleving. (Urtect 2001)
 
Literatuur
Blokland, T., 2006. Het sociaal weefsel van de stad. KEI, Kennisbank.
Coley, R.L., F.E. Kuo & W.C. Sullivan, 1997. Where does community grow? The social context created by nature in urban public housing. Environment and Behavior 29 (4): 468-494.
Cooper Marcus, C. & C. Francis, 1997. People places: design guidelines for urban open space. Wiley & Sons, Ontario, pp.367.
Gobster, P.H., 1998. Urban parks as green walls or green magnets? Interracial relations in neighbourhood boundary parks. Landscape and Urban Planning 41 (1): 43-55.
Hung, K. & J.L. Crompton, 2006. Benefits and constrains associated with the use of an urban park reported by a sample of elderly in Hong Kong. Leisure Studies 25 (3): 291-311.
Kweon, B.-S., W.C. Sullivan & A.R. Wiley, 1998. Green common spaces and the social integration of inner-city older adults. Environment and Behavior 30 (6): 832-858.
Jokovi, M., 2000. Recreatie van Turken, Marokkanen en Surinamers in Rotterdam en Amsterdam. Alterra rapport 3. Alterra, Wageningen.
Ward Thompson, C., 1995. Updating Olmsted. Landscape Design. 254: 26-31.
Ward Thompson, C., 1998. Historic American parks and contemporary needs. Landscape Journal 60 (1): 1-25.
Whyte, W.H., 1980. The social life of small urban spaces. Project for Public Spaces, New York, pp. 125.