Wat is natuur ?
Hier wordt geen poging gedaan om een definitie van natuur te geven. Wat we zien is dat er dode (abiotische) natuur is, die bestaat uit steen, mineralen, water, licht, duisternis, temperatuur, atmosfeer, etc. en dat er levende (biotische) natuur is. Dat zijn de planten en de dieren.
De levende natuur is volledig afhankelijk van de dode natuur. Hoe de samenhang is, is te zien bij levensgemeenschappen. De de dode factoren bepalen welke soorten ergens kunnen leven. Er bestaan zoutwater dieren en zoetwater dieren; kalkgraslandplanten en hoogveenplanten  Het geheel staat onder invloed van natuurwetten. Dit zijn fysische (zwaartekracht, licht, etc.), chemische (scheikundige reacties) en biologische (genetica, koolstofkringloop, etc.) wetten. Deze wetten gelden voor alle levende wezens.
Mensen vormen hierop geen uitzondering. Vanuit dit standpunt bekeken is het de vraag of er nog iets bestaat wat we geen natuur mogen noemen. Dit is een vraag die buiten de doelstelling van deze website valt. Het is echter wel duidelijk dat het in het dagelijkse spraakgebruik erg moeilijk is om het begrip natuur af te bakenen.
Onderscheid wordt meestal gemaakt, als er sprake is van menselijke invloed. Een rozenperk is dan geen natuur en een oerwoud wel. Een heideveld dat onder invloed van mensen is ontstaan noemen we dan halfnatuurlijk. Hoe we het ook definieren, er is een enorm verschil, in beleving, gebruik en waardering.
 
 
Een impressie van natuur
Opstuwende ijs heden -- De ijsschotsen van 30 cm dik zijn 5 tot 7 meter opgestuwd. Om op deze wijze over het ijs te klauteren is slechts voor een enkeling weggelegd. Het is een uiterst intense en spannende natuurbeleving, je kan hier zo maar je benen of je nek breken. IJsschotsen worden gletsjers en het IJsselmeer worden een poollandschap (Dijk Enkhuizen-Lelystad1996)
 
Opstuwend ijs in het verleden -- Dit is ook het resultaat ( of een restant daarvan) van opstuwend ijs, maar dan tienduizenden jaren geleden. Hier kan je ook op klimmen en uitglijden. Als je hier naar beneden glijdt kan je een paar flinke schaafwonden en stevige blauwe plekken oplopen. In het ergste geval kan je er zelfs iets breken, maar daar moet je niet altijd bij stilstaan. (Zandgroeve Kwintelooijen bij Veenendaal 1998)
 
Wat is de wildernis of de avontuurlijke natuur? -- Het uitgestorven vulkanische landschap of zo maar ergens een plekje in de stad?
Angst (onzekerheid) voor de natuur kan ook positief worden beleefd, vooral achteraf. Mensen (groot en klein) verkennen vaak hun grenzen. Zoeken het gevaar op of doen iets dat spannend of eng is. Voor kinderen kan dat een paadje in een dicht stadsplantsoen zijn waar denkbeeldige enge dieren zitten en voor volwassen avonturiers een oerwoud of een vulkaanlandschap. Exploratie is daarom niet alleen een cognitieve aangelegenheid, maar ook een emotionele waarin je je zelf moet overwinnen (Zie: Kaplan & Tabot, 1983). (IJsland en Amsterdam-Noord 1995)
 
Natuur voor de massa -- Wat bezielt mensen om een paar uur in de brandende hitte in een file te staan om aan het strand te kunnen vertoeven. En op het strand is vaak niet meer dan een paar vierkante meter beschikbaar. Van privacy is geen enkele sprake. De aantrekkingskracht van water is kennelijk sterker dan de afkeer van hete files en andere ongemakken. (Schouwen-Duiveland 1998)
 
Natuur voor de enkeling -- Wat bezield mensen om in een zandverstuiving te gaan wandelen. Ook hier zijn allerlei ongemakken die samengaan met eenzame recreatie (Kootwijkerzand, 2006)
 
Ongemak voor de een -- Deze vorm van natuur in een straat, is erg ongemakkelijk (Veenendaal 2006), het water komt uiteindelijk in de rivier.
 
Het ongemak van de een is de sensatie van de andere (IJssel bij Hattum 1995)
 
Ongetemde natuur -- De natuur is vaak spectaculair, vooral als het niet levensbedreigend is. Ramptoerisme is niet alleen maar nieuwsgierigheid of leedvermaak, maar ook een confrontatie met de ongetemde natuur. Vooral als je die op een veilige plek kan beleven (Wageningen 1995)
 
Getemde natuur -- Hier gaat het om de "getemde " natuur, maar de beleving is er niet minder om.
 
Natuur in het industriele landschap. Mensen die hier wonen genieten hier van. De zwanen zijn hier spontaan.
 
Natuur in een natuurlijk landschap -- Mensen die hier komen genieten hier van, maar de ponny's zijn uitgezet.
 
Natuur om naar te kijken
 
Natuur om in te wonen.