script language="Javascript1.2">
 
Literatuur: Groeiplaatsfactoren-- bodem en water
Opmerking -- Een aantal referenties hebben betrekking op natuurherstel, maar geven ook inzichtelijke informatie over de daarmee samenhangende groeiplaatsfactoren.
Bakker, H. de & J. Schelling (1989). Systeem van bodemclassificatie voor Nederland; de hogere niveaus. Pudoc, Wageningen.
Bakker, H. de & A.W. Edelman-Vlam (1976). De Nederlandse bodem in Kleur. Stichting Bodemkartering, Wageningen, pp. 148.
Barkman. J.J. & Ph. Stoutjesdijk (1987). Microklimaat, vegetatie en fauna. Pudoc, Wageningen, pp. 223.
Berendsen, H.J.A. (1997). Landschap in delen. Van Gorcum, Assen, pp. 320.
Beusekom, C.F. van, J.M.J. Farjon, F. Foekema, B. Lammers, J.G. de Molenaar & W.P.C. Zeeman (1990). Handboek grondwaterbeheer voor natuur, bos en landschap. Sdu Uitgeverij, Den Haag, pp. 187.
Bloemendaal, F.H.J.L. & J.G.M. (red.) (1988). Waterplanten en Waterkwaliteit. KNNV, Utrecht, pp. 189.
Bijlsma, R.J. (2004). Verbraming: oorzaken en ecologische plaats. De Levende Natuur 105 (4): 138-139.
Bobbink, R., L. van den Berg, H. Tomassen & Maaike Weijters, 2013. Effecten van verhoogde stikstofdepositie: is herstelbeheer zinvol?. De Levende Natuur 114(4): 138-142.
Chardon, W. & F. Sival (2003). Fosfaat: knelpunt voor realisering EHS op voormalige landbouwgronden? De Levende Natuur 104 (6): 267-277.
Coleman, D.C. & A. Sasson (1980). Decomposer subsystem. In: Bremeyer & Dyne [Ed.]. Grassland, systems analysis and man. Cambrigde University Press, Cambrigdep. pp. 609-648.
Delft, S.P.J. van (2001). Ecologische typering van bodems. Deel 2. Humusvormtypology voor korte vegetaties. Alterra-rapport 286, Alterra, Wageningen, pp. 176.
Dorp, D. van, K.J. Canters J.T.R. Kalkhoven & P. Laan (red.) (1999). Landschapsecologie: natuur en landschap in een veranderende samenleving. Boom, Amsterdam, pp. 440.
Eekeren, N. van, G. Iepema & F. Smeding (2007). Natuurherstel in grasland door klaver- en kalibemesting. De Levende Natuur 108 (1): 27-31. De Levende Natuur 108 (5): 197-204.
Jansen, A., A. Sloot, S. Soede & M. van Ham, 2008. Herstel van blauwgraslanden op de Empese en Tondense Heide?
Jansen, A, J. Schamineé & A. Stortelder, 2008. Koolmansdijk, parel in de Achterhoek door succesvolbeheer natuurherstel. De Levende Natuur 109 (6): 228-233.
Hoek, D. van der & W.G. Braakhekke (1997). Hydrologische maatregelen voor het herstel van blauwgrasland in de Bennekomse Meent. De Levende Natuur 98 (7): 254-257.
Kemmers, R.H. (1996). Bodemkartering voor ecologische toepassing. In: R.H. Kemmers (red.). De dynamiek van strooisellagen. DLO-Staring Centrum, Wageningen, pp. 56.
Kemmers, R.H., R.W. de Waal & S.P.J. van Delft (2001). Ecologische typering van bodems: van typering naar kartering. Alterra-rapport 352., Alttera, Wageningen. pp. 45 + bijlagen.
Kemmers, R.H., A.T. Kuiters, P.A., Slim & J.P. Bakker (2006). Is ontgronden noodzakelijk voor natuurherstel op voormalige landbouwgronden. De Levende Natuur 108 (4): 170-175.
Kemmers, R., 2011. Is bodembiodiversiteit van belang voor herstel van beekdalvegetaties. De Levende Natuur 112 (1): 4-9.
Kemmers, R., 2012. Zijn bodemorganismen van belang voor herstel van zure bossen?. De Levende Natuur 113(1): 24-28.
Knibbe, M. (1969). Gleygronden in het dekzandgebied van Salland. Proefschrift. Landbouwhogeschool, Wageningen.
Lammers, L., M. de Graaf, R. Bobbink & J. Roelofs (1997). Verzuring en eutrofiëring van blauwgraslanden. De Levenden Natuur 98 (7): 246-252.
Lamers, L.P.M., A.J.P. Smolders, E. Brouwers, & J.G.M. Roelofs (1996). Sulfaat verrijkt water als inlaatwater? De rol van waterkwaliteit bij maatregelen tegen verdroging. Landschap 13 (3): 169-180.
Lamers L.P.M. (2001). Tackling biogeochemical problems in peatlands. University of Nijmegen, 161 p.
Lamers, L., E. Lucassen, F. Smolders & J. Roelofs (2005). Fosfaat als adder onder het gras bij nieuwe natte natuur. H2O 38 (17): 28-30.
Londo, G. (1987). Natuurtuinen en -parken. Thieme, Zutphen, pp. 134.
Lucassen, E.C.H.E.T. & J.G.M. Roelofs (2005). Vernatten met beleid: lessen uit het recente verleden. Natuurhistorisch Maandblad 94 (11): 211-215.
Mekkink, P. (2001). De bodemgesteldheid van bosreservaten in Nederland: Deel 2 Bosreservaat Imboschberg. Alterra-rapport 60.2. Alterra, Wageningen, pp. 46.
Meuleman, A.F.M, B. Beltman, & R.A. Scheffer (1996). Aanvoer van gebiedsvreemd water; probleem of oplossing voor natte natuur in het veenweide gebied. Landschap 13 (3): 1812-191.
Mullekom, M. van, E. Lucassen, M. Weijters, H. Tomassen, R. Bobbink & F. Smolders, 2013. Van landbouw naar natuur: gericht op zoek naar kansen. De Levende Natuur 114 (4): 120-126.
Roelofs, J.G.M. & A. Smolders (1993). Grote veranderingen in laagveenplassen door inlaat van Rijnwater. De Levende Natuur 94 (2): 78-82.
Piek, H., H. Sloteren & N. van Heijst (1997). Herstel van verzuurde hooilanden in de Wieden. De Levende Natuur 98 (7): 283-288.
Putten, W. van der & F. Rienks (2004). Amerikaanse vogelkers groeit ongeremd door bodemleven. De Levende Natuur 104 (4): 136-136.
RunHaar, H., M. Jalink, & R. Bartholomeus, 2011. Invloed van grondwaterstanden op standplaatscondities en vegetatie. De Levende natuur 112 (4): 138-142.
Stortelder, A.H.F., P.W.F.M. & R.W. de Waal (red.) (1998). Broekbossen. KNNV, Utrecht, pp. 216.
Stortelder, A.F.H., J.H.J. Schaminée & P.W.F.M. Hommel (1999). De vegetatie van Nederland 5: ruigten, struwelen, bossen. Opulus Press, Leiden, pp. 376.
Weeda, J.H.J. Schaminée & L. van Duuren (2005). Atlas van Planten gemeenschappen in Nederland 4: bossen, struwelen en ruigten. KNNV, Utrecht, pp. 282.
Welle, M. van der, A. Beckers & T. van den Broek. Positieve ervaringen met herstel van veenweidegraslanden in de Krimpenerwaard. De Levende Natuur 108 (5): 206-210.
Wolf, R.J.A.M., A.H.F. Stortelder & R.W. de Waal (red.) (2001). Ooibossen. KNNV, Utrecht, pp. 200.
Zonneveld, J.I.S. (1987). Levend land: de geografie van het Nederlandse landschap. Bohn, Scheltema & Holkema, Utrecht, pp. 295.