script language="Javascript1.2">
Omschrijving beheertypen
G0 - Soorten van graslandvegetaties op brakke bodem
  Voorkomen -- vooral langs de kust en langs wateren die onder invloed staan van zeewater. Dit zijn onder meer de havengebieden van Amsterdam, Rotterdam, Delfzijl.
G1 -- Soorten van grasland- en biesachtige vegetaties op natte tot (zomer)vochtige, voedselarme bodems
De bodem is zuur tot /zwak zuure (soms en vooral langs de kust basische) bodem
  Voorkomen -- Vaak op natte schrale en zure bodems; buiten de natuurreservaten, in bermen, natte, maar in de zomer droogvallende greppels van wegbermen en spoorwegen, kanaalbermen vooral op lagere gedeelten
G2 -- graslandvegetaties op zandige, lemige bodems
De bodem is droog tot iets vochtige, voedselarm en zuur tot zwak zuur
  Voorkomen -- Vooral op heischrale bodems: weg-, spoor- en kanaalbermen en -taluds, zandafgravingen.
G3 -- graslandvegetaties op droge zandige bodems
Bodem overwegend droog, voedselarm tot iets voedselrijk, zwak zuur tot kalkhoudend
  Voorkomen -- Op allerlei schrale zandige plekken in het duingebied, pleistocene zandgronden, langs wegen, spoorwegen en kanalen
G4 -- Graslandvegetaties op zandige, zavelige en krijt achtige bodems
De bodem overwegend (matig) droog , voedselarm tot iets voedselrijk, maar kalkhoudend
  Voorkomen -- In kalkgraslanden, in de duinen, rivierdijken en in spoor- en wegbermen, op spoorwegemplacementen en industrieterreinen in Zuid-Limburg en in het rivieren gebied.
G5 -- Graslandvegetaties zavelige bodems
Bodem zomerdroog tot vochthoudend, matig voedselrijk en kalkhoudend.
  Voorkomen -- In hoofdzaak op taluds en in bermen van hole wegen, rivierdijken, spoor- en autowegen. Op spoorwegemplacementen en op industrieterreinen.
G6 -- Graslandvegetaties op zandige tot lichte lemige bodems
De bodem is droog tot vochthoudend en schraal tot matig voedselrijk.
  Voorkomen -- Op allerlei zandige bodems: bermen, dijken, industriële terreinen, zandafgravingen en natuurontwikkelingsterreinen.
G7-- Graslandvegetaties op klei, kleiige en andere voedselrijke bodems
De bodem is vochtig, matig voedselrijk tot voedselrijk.
  Voorkomen -- Op allerlei plekken vooral op zware kleigronden en bemeste of zwaar vermeste bodems; vooral in agrarisch en stedelijk gebied.
G8 -- graslandvegetaties op natte schrale tot voedselrijke bodem
  Voorkomen -- In allerlei natte hooilanden: natte graslanden, beekdalen, boezemland, veenweidegebieden, waterkanten, plas-drasbermen
G9 -- Graslandvegetaties op vochtige tot droge zeer voedselrijke bodems
  Voorkomen -- Op allerlei plekken vooral op zware kleigronden en bemeste of zwaar vermeste bodems; vooral in agrarisch en stedelijk gebied.
G10 -- Grazige vegetaties met soorten van bos en bosranden
  Voorkomen -- Meestal in de omgeving van bos buiten de klei en laagveen gebieden; vaak als relicten van houtwallen, singels of bosjes.